zaterdag 10 augustus 2013

Havenkind

Cristiano heeft vijf tatoeages, alle vijf klein en subtiel. Ik had er met mijn eigen ogen nog maar één gevonden.

"Hier, kijk"
Hij spreidt zijn wijs- en middelvinger ver uit elkaar. Nu pas zie ik de ring van letters. Dora staat er.
"Wie is dat?"
"Mijn moeder"

In huid, in tatoeages, in lengte. Alles wat ik niet. De rouwrandjes onder zijn nagels.

"Ben jij dat?" Cristiano wijst op een plaatje op mijn iPodschermpje. Het is een van de sleezy trance/dancenummers die ik luister bij het hardlopen. Nee, natuurlijk ben ik dat niet, ik pluk die nummers zo van youtube en krijg de plaatjes er gratis bij. Maar ik schud alleen zwijgend mijn hoofd. Cristiano blijft op mijn strandbedje zitten en scrollt door de rest van mijn muziek. Mijn voeten zitten onder het zand, ik probeer het eraf te halen door ze tegen elkaar te wrijven. Het werkt niet. Ik schuur ze langs het strandbedje, dat is gemaakt van hard plastic en is dus ideaal voor dit soort doeleinden.

Waarom zeg ik niet dat hij van mijn strandbedje af moet gaan? Dat het van mij is? Hij naar zijn eigen moet? Oh, ja, nee, die heeft hij niet - shit, zijn hele familie deelt er één, met één parasol. Hele familie bestaat uit tante, haar drie kinderen, Cristiano, oom, en oma. Maar oma zit nu even ergens anders, ik weet niet waar. Misschien lunch halen.

Ik vind het te interessant om er mee te stoppen, maar het cultuurverschil put me uit. Wéér uit te leggen dat ik - ja wat niet? Dat ik studeer om mee te beginnen.

De zon brandt, het zand schuurt op mijn bovenbenen. Ongemakkelijk ga ik verzitten en zwijg.
Cristiano kijkt me indringend aan.
En daar komt het.
Mooi, lief, slim, zo mooi, die ogen, zo lief, zo slim, ik mag je, blauw, wat zijn je ogen blauw.
'Houd maar op' zeg ik.

Boos staat hij op.
'Geloof je me niet ofzo? Zou ik niet eerlijk kunnen zijn soms? Dat iemand anders je misschien ooit pijn heeft gedaan... Ik zeg gewoon dat ik je net tegen ben gekomen en dat ik je graag mag! Niet dat ik van je houd ofzo, heus niet, ik zeg gewoon de waarheid.'
Ik heb niet vaak iemand zo verontwaardigd gezien.
'Al goed, al goed, ik geloof je' sus ik het.
Cristiano gaat weer zitten. Beetje boos nog. Ik geloof hem natuurlijk ook niet, maar het zeggen brengt het wel alweer dichterbij. Niet dat dat nodig lijkt voor mij.

Ik val toch wel. Al was het maar omdat ik zo graag wil.

Al een jaar geleden geschreven, maar met slaapdeprivatie ineens verrassend/verdrietig up to date.

4 opmerkingen:

  1. Mooi. "Houd maar op", haha, gevat.

    Slaapdeprivatie? Weet je, ik slaap niet omdat een jongen zulke dingen tegen me zei. Zegt. Je komt met deze blog verrassend dicht bij mij ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Mooi stukje. Stom (maar soms ook leuk) dat dat soort dingen na zo lang ineens weer zo dichtbij kunnen zijn.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Wat bizar adequaat, het is stom én leuk inderdaad :)

      Verwijderen