vrijdag 21 oktober 2011

Living like Larry IX - Blik

Blik... ik ben er nooit zo gek op geweest. Het drinkt best lastig uit een blikje: eerst is het ding te vol, daarna gaat het goed, maar richting de bodem moet je je hoofd in gekke posities houden om er nog een slokje uit te krijgen. Maar goed: was ik op reis met dorst, dan was een blikje in een tankstation langs de Duitse Autobahn, of op het verlaten pleintje in Kalithea wel een optie. Ook in Azië vertrouwde ik meestal niet zomaar wat er in plastic of glas werd geschonken (behalve teh tarik, maar dat is warm) en koos ik toch voor de veilige weg van multinational Coca-Cola. Als het aan mij lag was het minder vaak geweest, want ik heb bijna nooit dorst (!), maar doe meestal een drankje mee voor de gezelligheid.
Op zoek naar groente en fruit in de supermarkt laat ik me meestal leiden door een aanbieding of door een recept. Eigenlijk sta ik alleen bij de verse groenten te twijfelen, tenminste: tot ik het makkelijke van blikjes ontdekte. En het scheen nog net zo gezond te zijn ook! Maar, hoe zit het eigenlijk milieutechnisch?

De weg van je afval
Blikjes die jij weggooit, worden in de afvalverwerkingscentrale weer tussen het andere verpakkingsmateriaal uitgehaald. Daarom: vul ze niet met ander afval! Dit maakt het verwerken namelijk veel lastiger, je blikje kan gemist worden. En juist het hergebruiken van blik maakt de milieubelasting lager.1 Het overige huisafval wordt verbrand. In Nederland zijn 13 afvalverwerkings-centrales, die het blik van het huisafval scheiden: drie doen het vóór verbranding, de rest erna (knap he?). Dit terugwinnen gebeurt met magneten, maar omdat aluminium van nature niet magnetisch is, komen er nog meer technieken bij kijken. Van aluminium wordt dan ook 'maar' 50% teruggewonnen, tegenover 80% van het staal.

Externaliseren
Ook op een andere manier zorgt blik voor minder afval: het eten in blik blijft langer goed, dus belandt er minder in de afvalbak. Zo zegt althans deze website. Maar er zijn meer voordelen: blikken hoeven niet gekoeld, zijn makkelijk te stapelen (per transport kan er dus meer blik mee) en heeft nauwelijks secundaire verpakking nodig (alleen een papiertje eromheen). Dat laatste, de papieren verpakking, maakt het overigens wel slechter afbreekbaar 'in het wild'.

Blik wordt zelfs kampioen recycling genoemd, ik vind de volgende cijfers dan ook best indrukwekkend: elk gerecycled stalen blikje bespaart tweemaal zijn gewicht aan CO2... en in 2010 werd in Nederland al 88% van alle metalen (blik)verpakkingen gerecycled. Hiermee staat Nederland op nummer 3 van Europa! België haalt 93%. Daarnaast wordt blik steeds lichter en zo kost het produceren ervan steeds minder energie. Dit maakt dat het blik maar een kleine bijdrage levert aan de totale 'energiekosten' (of CO2 uitstoot) van je product. Wat is (energietechnisch) de beste van deze drie opties?
A Kilo sperziebonen uit Kenia
B Kilo sperziebonen uit Nederland (diepvries)
C Kilo sperziebonen uit Nederland (blik)

Inderdaad, C! En, ook smaaktechnisch: blik sluit 100% af... dus (behoudens kleine verschillen) niets om bang voor te zijn.

Conclusie? Blik is zo slecht nog niet, omdat wij in Nederland (België en Duitsland) onze recycling tamelijk goed op orde hebben. Gebruik blikjes dus verstandig en vul ze niet met ander afval, dan doe je precies wat je moet doen om hierbij te helpen! :)

dinsdag 18 oktober 2011

American boy

"Het leven is een boek: lees je het in volgorde, dat is leven, maar kijk je alleen de plaatjes, dan ben je aan het dromen..." Federico's ene hand hangt losjes op het stuur, de andere rust op armleuning. Er is geen haast.
"Welke bachelor heb je eigenlijk?" vraag ik, in plaats van in te gaan op de levenswijsheid. Fede antwoordt me kort, maar met een geamuseerd lachje. Dat lachje zal ik nog vaker te zien krijgen.

We eindigen uiteindelijk weer waar we begonnen: Benny en Dani wachten al op hem. Ook zij hebben afkortingen als namen (een afkorting die vertrouwen betekent blijft de mooiste, dat wel). Hey, daar is zo'n spottende, nieuwsgierige lach weer, nu op het gezicht van Daniele. Bijvoorbeeld als ik hem vraag, oh, hoe heet je zus? Het is louter interesse, maar waarom zou ik dat eigenlijk uitleggen: zo is het net zo leuk. Achter Benny loopt een kortharig hondje, waardoor hij direct de volle aandacht heeft van het hele terras.
"Aw, vieni qua!" kirt een meisje vertederd naar het hondje, dat direct naar haar toedribbelt. Haar zwarte haar is perfect stijl en glanst, in het lantaarnlicht en onder de maan. Ze is prachtig gebruind, zoals dat alleen kan wanneer je genen uit de puntjes van Zuid-Europa afkomstig zijn. Ik zit met de drie jongens aan een tafeltje, met boven ons een parasol. Nu is die natuurlijk niet nodig, maar morgenochtend, al vroeg, zal hij de gewenste schaduw leveren aan een leeg, maar dorstig terras. Het doet me goed dat ik hier zomaar ben beland en ik kijk genietend naar het mixdrankje dat voor me staat. Zonder alcohol, mét heel veel fruit.

Ik merk dat Daniele me opneemt en verplaats mijn blik. "Vertel eens wat meer" knikt hij - het is niet echt een vraag.
"Over?"
"Over wat over is..."
En als ik niet antwoord: "Als ergens een deur sluit, gaat er altijd ergens anders een nieuwe open"
Fede, die meer geïnteresseerd leek in zijn iPhone, knikt plots heftig mee.
"Wat zeg je?" vraag ik, bang dat ik de uitdrukking toch niet helemaal goed begrepen heb.
De jongens barsten in lachen uit en Fede verbergt, bij het zien van mijn gezicht, zijn grijns snel achter zijn hand. Zat ik dus toch goed. Ik haal niet-wetend mijn schouders op, want met dooddoeners kan ik meestal niet zoveel.

Mijn mobiel piept. Ik moet gaan. "Wat is er?" Fede hangt over mijn schouders.
"Ik breng je, ik breng je!" Nog voor ik kan protesteren trekt hij me al mee naar het smalle parkeerstrookje. Ik open het portier, het begint bijna normaal te worden. Nog geen vijf minuten later sluit ik het weer en draai ik de sleutel om van mijn voordeur. Schone lakens en een leeg bed verwelkomen me, ook dit is thuis, ook hier woon ik. Net voor mijn hoofd het kussen raakt, schiet me nog net te binnen: ik heb mijn drankje helemaal niet betaald... Zelfs niet met een kus.
Dankbaar en tevreden dat er zulke jongens bestaan, val ik slaap.

donderdag 13 oktober 2011

American Bar

"Vind je het erg als ik rook?" vraagt Fede me.
"Neenee, geen probleem!" antwoord ik snel. Natuurlijk vind ik het wél erg, maar wat houd ik dan nog voor keuze over? Fede is een goede afkorting voor de naam van een held, maar ik ken hem nog nauwelijks, dus of ik hem een held kan noemen? Toch, al zijn vrienden noemen hem zo en ik volg stilletjes – of hardop, dus eigenlijk.  De schone avond vult zich met de warme aslucht. Het begint bijna vertrouwd te worden, alsof vuur echt zo dicht bij je gezicht hoort. Ach, ik ken het nu toch wel? De pakjes, vloeitjes en kruimeltjes van het laatste beetje shag, of hasj, als dat er is... waar maak ík me druk om?
Ik leun achterover op de nog warme stenen. De jongen naast me, Fede, heeft een bijzonder gezicht dat zodra hij merkt dat ik hem bekijk, verandert in één grote grijns. Dat is niet zo'n zelfbewust lachje. Zijn oren steken een beetje uit. Zijn houding is laidback, maar alert. Hij tikt met de autosleutels tegen de stenen: tik, tik, tiktik.

Hoewel ik hem observeer, is Fede eigenlijk nog wel het laatste waar ik me mee bezighoud. Tuurlijk, een nieuw persoon in je leven is altijd leuk, 's avonds mee uit genomen worden is ook altijd tof, maar... er zijn zoveel andere vragen nog. Over andere mensen, die ik langer ken, die dichterbij me staan. Het mag arrogant lijken, maar soms besluit ik: en nu ken ik wel genoeg mensen. Voor vandaag is het: genoeg. Soms is het ook belangrijker tijd te investeren in, te besteden aan vrienden die je al kent, die je al hebt - pannenkoeken te bakken in een open keuken en er veel te veel van op te eten.

Maar voor vanavond is er nog even Fede. De laatste avond, de laatste keer dat zoiets kan voor ik weer naar de kou vertrek. Het kronkelt in mijn buik, als rode siroop in een glas perziksap. Regenbooglimonade. Ik kan mijn flirtlach niet laten, mijn ogen stralen teveel - ik ben me er maar al te goed van bewust. Maar hij is niet minder sluw, geslepen uit dezelfde steen: het materiaal dat ik veracht, waar ik van houd.
Het lukt me ook zeker niet zomaar simpelweg toe te geven. Mijn hoofd zit vol andere mensen. Later zal het me nog wel overkomen, ik ben de alwetende verteller van mijn eigen leven, maar nu niet.
Ik leg mijn ene blote been over het andere, tuur in de verte en plaats mijn handen achter me. Fede, de naam betekent 'geloof', drukt zijn sigaret uit op de muur en staat op.
"Kom op, het duurt te lang. We gaan een rondje rijden, ik laat je de stad zien"

zaterdag 8 oktober 2011

Boeken je die gelezen móét hebben #1

Ik wilde graag een lange lijst in één keer publiceren, maar dat zal de leesbaarheid niet ten goede komen. Overdosis leidt er, in ieder geval bij mij, meestal toe dat je helemaal niets meer leest. Dus raad ik in een aantal posts steeds boeken aan, die ik daarna samen zal publiceren. Pas dan zal ik ze ook ordenen op soort, genre of thema. Vooralsnog staan ze door elkaar. Trouwens: natúúrlijk zijn er ook standaardboeken die ik prachtig vond (Duizend schitterende zonnen etc.). Ik vind alleen dat die al genoeg aandacht krijgen en probeer hier iets minder bekende boeken te belichten.

Nooit verleden tijd - Lex Lesgever
Zelden las ik een boek over de tweede wereldoorlog dat me zo boeide, dat ook zo opgewekt was. Het gaat over een jongetje, hollend door de straten van Amsterdam, dat zo goed en kwaad als het gaat probeert te overleven. Verschil met hoofdpersonen in andere boeken? Deze jongen is joods maar ziet er met zijn blonde haar best Duits uit. De schrijver heeft geput uit de meest fantastische bron voor een boek (áls je tenminste goed en spannend kunt schrijven): zijn eigen geheugen. Nooit verleden tijd is namelijk waargebeurd - de schrijver zelf is geboren in 1929. Ik was diep onder de indruk en na de laatste pagina's heb ik meneer Lesgever een email gestuurd. Dat kan, namelijk. Een antwoord per email volgde zelfs!

"Ben heel erg blij met je reacties na het lezen van mijn boek. Sinds het uit is krijg ik dagelijks van dit soort reacties, maar met die van jou ben ik wel erg blij. Ik hoop n.l. ook dat veel jongeren van de inhoud kennis zullen nemen. Mijn stille hoop is dat het boek op de boekenlijst komt te staan voor
de scholen, maar heb niets te willen."
Nou, als ik nu nog niet genoeg argumenten verzameld heb om jullie aan het lezen te krijgen :)

Now we are six - A.A. Milne
"Here are the poems of childhood, of summer days at the beach and rainy days at the window, fishing trips and fanciful ones" vertelt de omschrijving van dit boek je.
Misschien niet iets dat je meteen op zult pakken, daarom zal ik er wat meer over vertellen. De schrijver is inderdaad de man die Winnie de Poeh bedacht heeft. Toch is het boek verre van kinderachtig. Zelf geloof ik dan ook dat, hoewel de originele verhalen over de beer weliswaar voor kinderen zijn, ze een niet te missen aantal verwijzingen naar ons dagelijks 'volwassen' leven bevatten.

Vond je de originele Poohboeken mooi? Ben je geïnteresseerd in hoe het was om op te groeien in 1920? Zoek je iets dat al mooi klinkt als je het aan jezelf voordraagt in een stille kamer? Here you are. Wil je je Engels verbeteren? Dit boek heeft geen enkele drempel, je kunt er in beginnen en het wegleggen wanneer je maar wilt: gedichten gaan immers niet in hoofdstukken.
Now that we are six is het tweede gedichtenboek van A.A. Milne. Lees je liever in volgorde, dan is When we were very young het boek waarmee je zou kunnen beginnen.

donderdag 6 oktober 2011

Zo gek

Zandachtig goudkleurig stof kleeft aan mijn benen, ook als ik langzaam loop. De wegen bestáán immers uit stof en als het ook maar een beetje warm is, plak ik al snel. Met stof erop en eraan dus. Ik douche hier elke dag en ook nog eens koud: geen van beiden dingen die ik thuis zou doen. Al net zo ongebruikelijk: mijn koffer zit nog steeds vol met boeken.

Vier nam ik er mee. Dat zou gaaf zijn, had ik gedacht. In dit land lezen over dit land. Maar ik zette één pas door de schuifdeur van het vliegveld, één stap over de drempel van mijn nieuwe kamer en de laatste stap de bar in: ik wist dat het niet meer zou gaan.
Op één van de eerste middagen had ik het nog geprobeerd. Een perzik eten en dan een boek lezen. Het ging niet. Ik verafschuwde mijn eigen taal, werd misselijk van het idee avonturen te lezen terwijl ik ze ook zelf kon beleven. Wie ging er nu verhalen lezen als je midden in een verhaal zat? Ik niet, besloot ik meteen. Het boek klapte ik dicht. Liever nog lag ik ziek op bed, dan dat ik Nederlands las. Ik schreef en dat was voldoende.

Terwijl krekels in mijn oor zoemen, slenter ik de gedraaide weg omhoog. Ik neem niet de moeite het gruis van mijn benen af te slaan. Toegeven wil ik het niet, maar de manieren om met de hitte om te gaan heb ik me nog niet allemaal eigen gemaakt. Ik loop aan de zijkant van een provinciale weg, dus bij elke bocht let ik op. Mijn iPod durf ik, uit angst voor voorbijrazende auto's, niet in te doen, maar ik zou waarschijnlijk toch geen aandacht hebben. In mijn hoofd zingt nog steeds wat ik vanochtend luisterde. En mijn gedachten spreken: ga hier nooit meer weg. Mijn ratio antwoordt: straks ga je weer terug, studeer je verder en vervolg je het pad dat al vastligt.
G: Ohja
R: Ja
G: Mooi zou dat zijn he, blijven.
R: Maar dat kan dus niet.
G: Nee

Vechten gevoel en ratio, dan wint de ratio nooit. Maar met gedachten ligt dat anders: ze zijn vaak als kleine, nog niet naar schoolgaande kindjes: je kunt ze snel en makkelijk van alles wijsmaken. Zoals dat ze het fout hebben, en onzin zijn. Ratio staat als een grote broer, die wél kan lezen, te verkondigen wat er op alle richtingaanwijzers staat. Volg vooral je zo precies uitgestippelde weg. Dat pad ligt er niet voor niets.

zaterdag 1 oktober 2011

Lijstje

Ik ben gek op lijstjes. Ik overdrijf niet als ik zeg dat er geen dag voorbijgaat zonder handgeschreven lijstje. Dat kan van alles zijn: meestal een to-do-list, maar soms ook lijstjes om mee te studeren.
Lijstje zijn overzichtelijk en lezen fijn. En laten er nu nét een heleboel dingen zijn waar ik over zou willen schrijven, zonder dat ik tijd heb overal een echt artikel van te maken. Wat somt beter op dan een lijst? :)

Deze week...

* ging voorbij met veel rennen, maar daarbuiten helaas weinig uren in het zonnetje. Die heb ik in het weekend ingehaald terwijl ik Waar ben je? van James Lecesne uitlas (niet de moeite om over te posten, maar toch wel een verrassend verhaal), liggend op alleen een matje tussen mij en de hete tegels. Ik lig sowieso het liefste vlak bij de aarde (geen grapje, ik krijg rillingen van die plastic strandbedjes).

* had ik meer moeten studeren. Tja, en dat is alles wat ik hiervan kan maken.

*  mijmerde ik over grondstoffen en werkte alvast aan een stukje hierover. Tevens las ik boven een interview de inspirerende kop: "Hier en nu?! Denk ook eens aan daar en later..." Ik wilde hier over schrijven, maar de quote zegt eigenlijk alles al.

* vond ik behalve Love the ocean ook een andere schattig nummers terug. Hoe krijgt (het Amerikaanse) Sesamstraat het voor elkaar om al die fantastische artiesten met Elmo te laten zingen? Vast om het goede in de wereld een beetje meer te benadrukken :)
Kijk zelf maar naar Andrea Bocelli of the Goo Goo Dolls als ze met het kleine roodharige monstertje zingen...
Mocht je dan nog het origineel van Andrea Bocelli willen horen (want dat is zo mooi en past precies bij zo'n dag als vandaag): alsjeblieft!

* bedacht ik me dat er, jammergenoeg, toch grenzen aan delen zijn. Ik ben er nog niet uit of vrienden aan wie je bepaalde dingen niet kunt vertellen, echte vrienden zijn, of toch iets minder.

* vond ik deze foto terug. Hij mag hierbij, omdat het vandaag zo ontzettend lekker weer was. :)